Provincie Zuid-Holland stelt subsidie beschikbaar voor opvang vleermuizen

Foto: Staatsbosbeheer

KAAG EN BRAASSEM - Provincie Zuid-Holland stelt opnieuw subsidie beschikbaar voor alternatieve vleermuisverblijven in gemeenten als Alphen aan den Rijn, Nieuwkoop en Kaag en Braassem. De regeling moet voorkomen dat beschermde vleermuizen hun leefgebied verliezen door woningisolatie.

In 2023 stelde het kabinet 54 miljoen beschikbaar om provincies en gemeenten te ondersteunen bij het opstellen van plannen om natuurvriendelijk te kunnen isoleren.  Voor het maken van alternatieve verblijfplaatsen voor de beschermde soorten is 8,8 miljoen euro vrijgemaakt. Het restbedrag zit voornamelijk in het opstellen en handhaven van plannen.

Provincie Zuid-Holland stelt nu ook in 2026 subsidie vrij voor de realisatie van alternatieve verblijfplaatsen, deze subsidie is specifiek voor vleermuizen. Het maximale budget hiervoor is 668.941 euro. Hiervan is er 36.117 euro beschikbaar voor gemeente Alphen aan den Rijn, 29.345 euro voor Nieuwkoop en 33.860 euro voor Kaag en Braassem.

Beschermde krakers

De laatste jaren worden in Nederland steeds meer woningen geïsoleerd vanwege de energietransitie en hoge energieprijzen. Bij deze isolatie en ook bij renovatie en sloop verdwijnen vaak kieren, spouwmuren en andere holtes in gebouwen. Juist deze plekken worden gebruikt door bijvoorbeeld vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen als verblijfplaats.

Ook in de omgeving verdwijnen vaak oude bomen en natuurlijke structuren, waardoor vleermuizen niet alleen hun verblijfplaatsen kwijtraken, maar ook delen van hun leefgebied. Tegelijkertijd zijn deze soorten streng beschermd onder de Habitatrichtlijn, waardoor hun verblijfplaatsen niet zomaar mogen verdwijnen.

Omgevingsbrede oplossing

Bij isolatie of verbouwing moest eerst ecologisch onderzoek per individueel gebouw worden gedaan om te kijken of er vleermuizen aanwezig waren. Als dat zo was, moest een vergunning worden aangevraagd en moesten maatregelen worden genomen, zoals het plaatsen van nieuwe verblijfplaatsen. Dit systeem was echter duur en kostte veel tijd, omdat onderzoek vaak alleen in bepaalde seizoenen kon plaatsvinden. Hierdoor liepen veel bouw- en isolatieprojecten vertraging op.

Daarom is er een nieuwe manier bedacht. In plaats van bij elk huis apart te kijken of er vleermuizen zitten, wordt nu voor een hele gemeente tegelijk onderzocht waar vleermuizen leven en wat ze nodig hebben. Daarna wordt er één groot plan gemaakt voor het hele gebied, een zogeheten Soorten Management Plan (SMP). Met dat plan kunnen gemeenten een omgevingsvergunning aanvragen, waarmee zij toestemming krijgen om te isoleren of te bouwen zonder dat elke huiseigenaar apart onderzoek hoeft te laten doen.

Wel moeten de plekken waar vleermuizen wonen die verdwijnen worden vervangen. Dat gebeurt bijvoorbeeld door vleermuiskasten op te hangen of speciale openingen in gebouwen te maken waar ze kunnen blijven wonen. Hiervoor is dus vanuit de Provincie Zuid-Holland subsidie beschikbaar gesteld.

Wat gebeurt er met de subsidie?

In de gemeente Kaag en Braassem is het totale budget dat beschikbaar is gesteld in 2026 dus 33.860 euro, maar de gemeente verwacht minder te ontvangen omdat zij naar eigen zeggen onvoldoende locaties hebben kunnen vinden. Toch worden volgens de gemeente de kosten van deze actie niet compleet gedekt door de subsidie.

De aanvraag van de subsidie voor gemeente Kaag en Braassem loopt al sinds vorig jaar. Volgens de gemeente is het erg lastig is om geschikte locaties te vinden. ‘Vaak zijn de mensen van de organisaties/gebouwen in eerste instantie enthousiast, maar als er dan intern overlegd wordt, ziet men er toch van af.’

Vleermuizen vinden

Een extern bureau zoekt locaties voor de verblijfplaatsen en daarna worden de organisaties benaderd om toestemming te vragen. De plaatsing van de voorzieningen word door andere partijen gedaan. Met de plaatsing moet met verschillende aspecten rekening worden gehouden: Welke soorten er gesignaleerd zijn, de ligging ten opzichte van bomen, water en bijvoorbeeld de hoogte van de alternatieve verblijfplaatsen. Elke soort heeft zo zijn eigen specifieke verblijfplaats. 

In de gemeente Kaag en Braassem worden verblijfplaatsen voor de volgende vleermuizen gecreëerd: de laatvlieger, de gewone dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis en baardvleermuis. ‘Wij zijn van mening dat dit het een goede zaak is omdat de verblijfplaatsen van deze beschermde dieren onder druk staan.’ Meld de gemeente.

DNA in de muur

Voorheen was het nog toegestaan om gebruik te maken van de werkwijze Natuurvriendelijk isoleren zonder vergunning maar nu is daar een negatieve eDNA-test voor nodig. Een eDNA‑test wordt gebruikt om te controleren of er vleermuizen aanwezig zijn in een spouwmuur of onder een dak voordat isolatiewerkzaamheden starten.

De gemeente meldt dat zij naar verwachting over ongeveer 2 jaar een opgesteld SMP hebben en een omgevingsvergunning kunnen opvragen. Vanaf dan kan er gebruik gemaakt worden van de omgeving brede regeling.

Lees ook: Stoppen met De Bult kan gemeente tonnen kosten, schadeclaim dreigt

advertentie advertentie