Veel locaties windturbines geschrapt na protest, maar niet in Kaag en Braassem
REGIO - Na honderden negatieve reacties en protesten uit de regio heeft de provincie Zuid-Holland het aantal geplande windturbineplekken in het Groene Hart fors teruggebracht. Van elf locaties in onze regio blijven er nog drie over, waaronder één in Kaag en Braassem.
In juli vorig jaar presenteerde de provincie een onderzoek naar de 'technisch best mogelijke locaties' voor windturbines in het Groene Hart. Dat met het idee om de gemeenten te helpen een keuze te maken; maar dat kaartje met locaties leidde tot veel kritiek vanuit bewoners en de lokale- en provinciale politiek.
In oktober maakte de provincie uit dat verkennende onderzoek zelf een selectie van haalbare locaties. Daar mochten gemeenten en bewoners op reageren.
Inwoners en ook wethouders stuurden massaal boze brieven en kwamen protesteren in Den Haag. Ook een meerderheid van Provinciale Staten ziet liever geen windturbines van 240 meter hoog in het beschermde polderlandschap verschijnen.
Drie zoekgebieden
- Kaag en Braassem – Polder Vierambacht
- Zoeterwoude en Alphen aan den Rijn – N11/Polder Groenendijk
- Alphen aan den Rijn en Bodegraven – N11/Polder Steekt en Binnenpolder
Op deze plekken is ruimte voor in totaal 27 windturbines, meldt persbureau ANP. De andere gebieden houdt de provincie achter de hand als reserve.
Zienswijzen
Volgens gedeputeerde Arno Bonte (GroenLinks-PvdA) is het plan aangepast om beter aan te sluiten bij de regio. 'Dit doet recht aan de inbreng uit de regio, we kiezen hiermee voor draagvlak', zegt hij. Van de ruim achthonderd bezwaarschriften gingen er 632 over windenergie. 'De meeste waren negatief', aldus Bonte.
Volgens Bonte willen gemeenten in de regio's Holland Rijnland en Midden-Holland hun energiedoelen vooral halen met zonnepanelen, op daken en op land. 'Het is balanceren tussen verschillende belangen. Dit voorstel, dat volgens ons niet onrealistisch is, lijkt een goede middenweg.'
Daarnaast wordt gekeken naar warmtenetten om huizen te verwarmen en het elektriciteitsnet te ontlasten. Gemeenten krijgen een jaar de tijd om hun plannen concreet te maken.
Besluit in juni
Provinciale Staten beslissen in juni of de drie overgebleven locaties worden opgenomen in de omgevingsvisie. Eerst komt er in april een hoorzitting, de weken daarna gaan de Statenleden erover debatteren.
Als de Statenleden het er vervolgens mee eens zijn, kunnen de gebieden een jaar later worden opengesteld voor bedrijven die er windturbines willen plaatsen.
Lees ook: Tegenwind rond komst reusachtige windturbines: ‘Ze horen op zee, niet op land’
